Huurprijsberekening
Home  > Huurder  > Huurprijsberekening

Berekening :

De huurprijsberekening die we vanaf 1 januari 2019 gebruiken stelt je inkomen, de kwaliteit van je woning en je gezinssituatie centraal.

Je maandhuur 2019 = 1/55 x inkomen – patrimoniumkorting – gezinskorting

Het resultaat van deze formule ligt tussen of is gelijk aan een minimum en een maximum.

Vanaf 2019 kijken we ook naar de inkomensgrenzen om jouw huurprijs te berekenen.

De inkomensgrenzen voor 2019 zijn:

  • alleenstaande: 24.852 euro
  • alleenstaande met een handicap: 26.934 euro
  • anderen: 37.276 euro. Per persoon ten laste tel je er 2.084 euro bij. Een persoon ten laste is een kind of een persoon met een handicap.

Verdien je minder dan de inkomensgrens?

Dan verandert er niets. We delen je geïndexeerde inkomen nog altijd door 55.

Verdien je meer dan de inkomensgrens?

Dan delen we je geïndexeerde inkomen door 54, 53 of 52. Dat gaat zo:

  • je inkomen is hoger dan de inkomensgrens, maar lager dan 125%: we delen door 54.
  • je inkomen is minstens 125%, maar lager dan 150% van de inkomensgrens: we delen door 53.
  • je inkomen is 150% van de inkomensgrens of hoger: we delen door 52.

Inkomen :

We kijken naar je inkomen van drie jaar geleden. In 2019 geldt je inkomen van 2016. Dit inkomen van 2016 wordt verhoogd of aangepast (geïndexeerd) naar 2019. Dit getal delen we dan door 55, 54, 53 of 52.

Wanneer je geen inkomen hebt, stellen we dit gelijk met het leefloon.

Dit bedrag wordt verminderd met de patrimoniumkorting en de gezinskorting.

Patrimoniumkorting :

Uitgangspunt is de marktwaarde van de woning.

De marktwaarde is gelijk aan de huurprijs van een woning van hetzelfde type, ouderdom en onderhoud op de private markt.

Afhankelijk van de marktwaarde, wordt er nog een korting gegeven.

Deze korting is maximum 142 euro (onderhevig aan indexering) voor sociale woningen met een lage marktwaarde en minimum 0 euro voor sociale woningen met een hoge marktwaarde

Dus hoe goedkoper de woning, hoe groter de extra korting.

Gezinskorting :

Per persoon die voldoet aan de voorwaarden van een persoon ten laste, zul je in 2019 19 euro (geïndexeerd) per maand minder betalen. Ook personen die minstens 66% invalide zijn, worden als persoon ten laste aanzien.

Verandert je gezinssituatie? Heb je een kindje gekregen? Is iemand van je gezin overleden? Breng dan de nodige documenten bij ons binnen.
Je huurprijs wordt (in principe) één keer per jaar aangepast aan je veranderde gezinssamenstelling.

Minimum en maximum :

Je betaalt dus nooit meer dan 1/55, 1/54, 1/53, 1/52ste van je inkomen, maar je betaalt ook nooit meer dan de basishuurprijs van de woning. Op het moment dat je je huurovereenkomst afsluit, wordt de marktwaarde in je contract vastgelegd. Vanaf dan wordt dit de basishuurprijs genoemd. Deze basishuurprijs wordt jaarlijks geïndexeerd. Het laagste van beide is dus het maximum.

Er is ook een minimale huurprijs. Op basis van de marktwaarde betaalt een gezin met een heel laag inkomen nooit minder dan 123 euro (onderhevig aan indexering) per maand voor de goedkopere sociale huurwoningen en 246 euro (onderhevig aan indexering) voor de duurdere woningen.

Onderbezettingsvergoeding

Opgelet: soms betaal je een vergoeding omdat je te groot woont. Je mag één slaapkamer meer hebben dan het aantal bewoners. Heb je twee of meer slaapkamers te veel? Dan woon je onderbezet. We kunnen je vragen om te verhuizen naar een kleinere woning.

Je krijgt dan twee keer een aanbod op maat. Weiger je dit twee keer? Dan moet je verplicht een onderbezettingsvergoeding betalen.

Hoeveel betaal je?

Je betaalt voor een slaapkamer te veel 31 euro/maand (bedrag in 2019). Dit betaal je extra bij je maandelijkse huurprijs en kosten.